Orgel in de Bethelkerk

Orgel in de Bethelkerk

Dispositie Johannus Opus 335

De dispositie:

Hoofdwerk: (C-g3)
Bourdon 16’
Prestant 8’
Diapason 8’
Gamba 8’
Roerfluit 8’
Octaaf 4’
Salicional 4’
Open fluit 4’
Quint 2 2/3’
Superoctaaf 2’
Blokfluit 2’
Terts 1 3/5’
Cornet IV
Mixtuur V-VII
Scherp III-V
Contra Trumpet 16’
Trompet 8’
Klaroen 4’

Pedaal:
Subbas 32’
Contrabas 16’
Subbas 16’
Echo Bourdon 16’
Prestant 8’
Violon 8’
Gedeckt 8’
Octaaf 4’
Fluit 4’
Mixtuur III
Bombarde 32’
Bazuin 16’
Trompet 8’
Trompet 4’

Zwelwerk
Quintadeen 16’
Prestant 8’
Viola da Gamba 8’
Vox Celeste 8’
Flute Harmonique 8’
Holpijp 8’
Octaaf 4’
Gemshoorn 4’
Roerfluit 4’
Quintfluit 2 2/3’
Octaar 2’
Woudfluit 2’
Nasard 1 1/3’
Octaar 1’
Sesquialter II
Ruispijp IV-VI
Fagot 16’
Dulciaan 8’
Vox Humana 8’
Schalmei 4’

Speelhulpen
Zwelwerk + Hoofdwerk
Hoofdwerk + Pedaal
Zwelwerk + Pedaal
Tremulant Hoofdwerk
Tremulant Zwelwerk
Chorus